| Het
AC gewicht { het acromio claviculaire gewricht}
Anatomie:
De
verbinding tussen het sleutelbeen {clavicula} en een deel van het
schouderblad {het acromion} wordt ac gewricht genoemd. Dit gewrichtje
heeft veel te maken met de bewegingen van de arm. Voorbeeld; als
dit gewricht helemaal vast zit zal dit de arm bewegingen 20 % beperken.
Met andere woorden dit gewricht is belangrijk voor, en bepaalt mede,
de gehele beweeglijkheid van de arm en schoudergordel. Het sleutelbeen
ligt pal onder de huid is s S-vormig gebogen en is over zijn gehele
lengte goed te voelen {palperen}. Het extremitas acromialis van
het sleutelbeen ofwel het uiteinde aan de zijde van het acromion
bevat een klein gewrichtsvlakje wat naar buiten en iets naar onder
is gericht {facies articularis acromialis}. Dit gewrichtsvlakje
maakt dus een gewricht met een deel van het schouderblad {het acromion}.

1.
Ligamentum coracoacromiale
2.
Ligamentum trapezoidem en conoideum
3.
Ligamentum coracoclaviculare
4.
schouderblad {scapula}
5.
sleutelbeen {clavicula}
6.
bovenarm {humerus}
7.
acromion
8.
ligamentum acromioclaviculare
Omcirkeld
is het ac gewricht. Rechts in de cirkel het extremitas acromialis
van het sleutelbeen. En links het acromion, het deel van het schouderblad.
Over het ac gewricht ligt het ligamentum acromioclaviculare
De ligamenten 2 en 3 zijn belangrijk voor de stabiliteit van het
ac gewricht. Zij zorgen er mede voor dat het sleutelbeen en dat
het ac gewricht in positie blijven met het schouderblad.
Instabiliteit
van het ac gewricht. Acromioclaviculaire instabiliteit.
Subluxatie
of luxatie van het ac gewricht is zeker onder sportieve jongeren
een veel voorkomende schouderpathologie. Meestal wordt het veroorzaakt
door een ongeval {trauma}. Bijvoorbeeld een val op de schouder waarbij
de schoudergordel naar beneden wordt gedrukt zie plaatje hieronder
fig. 2a en 2b
 |

2a
en 2b 2a een rechter schouder
2b
rechter schouder foto van achter
|
Denk
hierbij aan ijshockey, voetbal of andere kontact sporten en fietsen.
Bij deze ongevallen komt er dus teveel spanning op het gewricht
en de boven genoemde ligamenten die dan eventueel geheel kunnen
afscheuren. De mate van ontwrichting {luxatie}, en dus de ernst
van het ontstane letsel wordt benoemd in Tossy 1,2 of 3. Zie de
plaatjes hieronder fig.3 en 4
| 
fig
3
Luxatie
Tossy 3 pianotoetsfenomeen
Van
een rechter schouder.
|
fig.4
Goed
zichtbaar het gescheurd zijn van de ligamenten 2, 3 en 8.
En de separatie van sleutelbeen en acromion {Tossy 3}
|
Tossy
gr 1 fig. 5
Kleine
luxatiestand van het gewricht. Het acromioclaviculaire ligament
is overrekt of gedeeltelijk gescheurd. Verder geen letsel. Dit is
het meest voorkomende traumatische letsel van het ac gewricht.
Tossy
gr 2 fig. 5
Als
1 echter nu is weldegelijk het acromioclaviculaire ligament gescheurd.
De andere ligamenten {coracoclaviculaire} zijn intact. Er kan tijdens
het onderzoek twijfel zijn omdat de stand van het ac gewricht niet
altijd zichtbaar veranderd is.
Tossy
gr 3 fig.5
Er
zijn nu meerdere ligamenten gescheurd waaronder ook de coracoclaviculaire
ligamenten. De stand is duidelijk afwijkend en het pianotoetsfenomeen
is zichtbaar en voelbaar. Zie ook
 |
fig.5 |
Tossy
gr 4-6
Er
zijn nog meer gradaties lopend t/m Tossy 6. Hier zijn zeer ernstige
afwijkingen die operatieve ingreep onvermijdelijk maken. Deze bijv.
bij zware motorongevallen.
Behandeling:
Na
een trauma zal er pijn zijn in rust rond dit gewrichtje. Bewegen
zal ook pijnlijk zijn en is niet gewenst ivm herstel van weefsel
rond het gewricht. Er op liggen is niet mogelijk ivm pijn maar ook
voor het herstel niet goed.
Het
functieherstel is in de meeste gevallen goed. Het blijft echter
wel een cosmetisch probleem want de stand blijft zoals vlak na het
trauma. Er zijn in het verleden veel operatieve reposities gedaan
die echter in verhouding meer problemen gaven (in het bijzonder
voor het schoudergewricht zelf) dan het conservatieve beleid.
Eerste
2 weken.
In
verreweg de meeste gevallen {t/m Tossy 3} wordt voor een conservatieve
nabehandeling gekozen waarbij enkele dagen tot 2 weken rust wordt
gehouden in een positie (mitella zie fig. 7 en 8) waarin het weefsel
dat nog kan herstellen de kans krijgt dit te doen en eventueel gunstige
littekens gevormd kunnen worden die toch nog kunnen bijdragen tot
stabiliteit in het ac gewricht. Tijdens deze periode kan er in de
rustpositie isometrisch pijnvrij getraind worden binnen bepaalde
bewegingsgrenzen waarbij nog geen beweging optreedt in het ac gewricht.
In de omgeving van het letsel kan eventueel met fysiotechnische
applicaties{ultrageluid of elektrotherapie} of thermische applicaties
{ijs of “warmte”}, zwelling en/of pijn tegengegaan worden.
Belangrijk
in deze periode is dat:
De
arm/hand niet voorwaarts naar de andere lichaamszijde wordt genomen
De hand niet achter de rug wordt gebruikt (bijv hemd in broek doen,
portemonnaie pakken)
De arm in bijv. een mitella niet te laag komt te hangen, goed steunen
in de mitella, onderarm moet volledig gesteund worden, hele gewicht
gedragen door de mitella. Dit omdat er anders teveel tractie (trekkracht)
is op het ac gewricht
De isometrie gaat goed in alle richtingen de adductie echter zal
behoorlijk pijn doen is mijn ervaring en zal in beginsel moeten
worden weggelaten. Dit omdat adductoren de neiging hebben de scapula
naar caudaal te bewegen en de defecte en gerekte ac ligamenten en
het costoclaviculaire en coracoclaviculaire weefsel ook teveel gerekt
word. Dit is niet wenselijk voor herstel.
2e-
6e week
Na
deze eerste periode van rust voor het gewricht {immobilisatie periode}
zal er meer geoefend gerevalideerd moeten worden. De nadruk zal
komen te liggen op functieherstel waarbij in eerste instantie meer
Isotonische krachtoefeningen pijnvrij gedaan worden. Verder zal
de patiënt een automobilisatie programma aangeleerd krijgen
om in de nieuw ontstane gewrichtsruimte pijnvrij te kunnen leren
bewegen. Belangrijk hierbij is een juiste bewegingscoördinatie
die door de fysiotherapeut kan worden beoordeeld en gecorrigeerd.
In
deze fase tussen 2 en 6 weken is het soms heel prettig voor patiënten
als en over het ac gewricht een tape wordt aangelegd. Hiervoor is
geen bijzondere tapetechniek nodig.4 tot 8 strepen over het gewricht
aangetrokken over de huid geeft voor de patiënt een prettig
veilig stabiel gevoel en lijkt beter bewegen te stimuleren.
Vanaf
4 e week kan als de pijn dit toelaat ook met apparatuur (fitness
onder begeleiding van fysiotherapeut) worden gewerkt om grotere
spieren rond de schouder te trainen.
Uit
mijn ervaring blijkt het trainen met zware belasting enkel goed
te werken als er niet in standen wordt geoefend waarin het ac gewricht
beweegt of zou bewegen onder normale fysiologische omstandigheden.
Na 6 weken
Uiteindelijk
zal na 6 weken langzaam naar maximale belastbaarheid van de hele
arm en schoudergordel worden toegewerkt waarbij vooral ook de steunfunctie
en de werpfunctie en zwaardere boven schouderactiviteiten moeten
worden getraind en verder worden versterkt.
Arthrose
van het ac gewricht.
 |
fig.6 |
osteoarthritis,
arthrose met osteophyten
Sommige
gewrichten hebben meer te lijden dan andere gewrichten en zijn meer
onderhevig aan slijtage. Het ac gewricht is zeker zo’n gewricht.
Het beeld dat kan ontstaan is osteoarthritis ofwel genoemd arthrose
{zie fig 6}.
Deze
aandoening ontstaat meestal tussen 30-50 jaar en kan pijn gaan doen
bij dagelijkse bezigheden.
Bij
aktiviteiten boven het hoofd is de stress op dit gewricht groot
maar ook vroeger toen er vele lasten nog op de schouders werden
getransporteerd werd dit gewricht alleen al door de druk zwaar belast.
Zeker bij jongeren die grote gewichten boven hun macht verzetten
hebben een verhoogd risico verhoogde slijtage in dit ac gewrichtje
te stimuleren. Maar ook een ongeval waarbij instabiliteit optreedt
(zie boven tossy 1,2 of 3) geeft op langere termijn mogelijk verhoogde
slijtage en leid tot arthrose in dit ac gewricht.
Symptomen:
Pijn
bij bewegen in uiterste standen maar ook in rust.
Gevoeligheid rondom het gewricht, en wat zwelling voelbaar.( fig.7
links boven)
Uitstraling van pijn kan gaan naar borst schouder en nekregio.
Mogelijk wat voelbare crepetatie
{knappen/kraken}bij bewegen in het gewrichtje.
Diagnose:
Na
het verhaal van het ontstaan van en uitleg over de klachten te hebben
aangehoord zullen enkele testen worden gedaan om de diagnose te
bevestigen. Het voelen van de regio en het doen van bewegingen die
leidden tot compressie of overrek van het gewrichtje zullen het
vermoeden van irritatie in dit gewricht moeten bevestigen.
Een
lokale infiltratie in het gewricht met lidocaine
zal als differentiaal diagnosticum het vermoeden kunnen bevestigen
als blijkt dat dezelfde tests na de infiltratie niet meer pijnlijk
zijn. zie
pagina over corticostereoiden. Een roentgen foto
kan de vermoedens van arthrose bevestigen.
 |
 |
|
| ook mitella of rugzakverband |
soort mitella te dragen na trauma voor
rust aan het gewricht |
|
Behandeling
:
Als
besloten is niet te opereren zal een behandeling met fysiotherapie
of manuele therapie veel verbetering kunnen geven. Arthrose hoeft
geen pijn te doen en hoeft zeker niet te belemmeren. Zeker wanneer
de arthrose in een beginstadium is kan er veel gedaan worden om
het proces te stabiliseren en de vervelend symptomen te verhelpen.
Meestal vind ik een beperkte beweeglijkheid in de schoudergordel
op basis van bewegingsbeperkingen in dit ac-gewrichtje. Het herstel
van deze beweeglijkheid via manueel therapeutische mobilisatie technieken
en via het aanleren van een automobilisatie
programma is in vrijwel alle gevallen voldoende.
Adviezen en uitleg over het ontstaan en verloop en de verdere omgang
met de schouder is van groot belang voor de patiënt om in de
toekomst zelf goed te kunnen beslissen. Operaties zullen bij ernstige
gevallen worden overwogen als de osteophyten
(zie fig.6) (uitsteeksels van het bot door
de irritatie en slijtage) aan de onderzijde ook de pezen van de
schouderspieren gaan irriteren. Dit is niet voelbaar maar wel evt.
met roentgen en MRI onderzoek te verifieren. Als u bij de huisarts
komt met deze aandoening zal toch in eerste instantie geprobeerd
worden de pijn medicamenteus te verhelpen met ontstekingsremmers
{aspirine paracetamol of ibuprofen}
en met een rust advies. Ook een infiltratie met cortison is
te overwegen als pillen en bewegen niet het gewenste resultaat geven.
Echter dit resultaat is vaak van korte duur en er zullen meerdere
infiltraties nodig zijn om ook langer pijnvrij te zijn. Als echter
ook hier de grenzen zijn bereikt zal voor een operatieve ingreep
worden gekozen {een
arthroplastiek}. Het uiteinde van het sleutelbeen zal
worden verwijderd {resectie van het extremitas acromialis}
zodat in feite er geen gewricht meer is tussen schouderblad en sleutelbeen.
Dit blijkt in de praktijk een zeer effectieve maatregel te zijn
die de pijn vrijwel elimineert en ook veel functieherstel tot gevolg
heeft. Het litteken weefsel dat ontstaat tussen het acromion en
het nieuwe uiteinde van het sleutelbeen zal toch een mate van bewegingsbeperking
geven {dus enige stabiliteit} en tevens er voor zorgen dat niet
opnieuw de botstukken elkaar raken bij bewegen wat opnieuw tot klachten
aanleiding kan geven.
 |
fig.
7 |
Normaal
schouder en ac gewricht en li. boven artyhrotische gewricht met
zwelling
Revalidatie
na operatie:
Na
een operatie zoals hierboven beschreven zal de arm een tijdje in
een mitella tot rust moeten komen (fig. 7). Dit echter
hoogstens meerder dagen tot een week want er kan vrij snel op geleide
van pijn begonnen worden met het bewegen van de arm om te voorkomen
dat de spieren teveel verslappen en het schoudergewricht zelf te
weinig beweegt. De pijn van de operatie kan met ijs of andere fysische
applicaties worden behandeld. Echter het op geleide van pijn weer
zo snel mogelijk normaal leren bewegen is het belangrijkste doel.
Teveel doen en te zwaar moet vermeden worden. Wanneer de operatie
{de resectie} is gedaan via een arthroscoop waarbij weinig weefselbeschadiging
is ontstaan kan dit de revalidatie zeker in het begin doen bespoedigen.
Echter op de lange termijn zijn de resultaten tussen de arthroscopische
resectie en de open resectie dezelfde. De revalidatie
zal in het begin meer gericht zijn op het bewegen van de gewrichten
binnen de grenzen van pijn en het vermijden van teveel stress op
het operatie gebied. Het doen van spierkrachtoefeningen is niet
noodzakelijk in de eerste 2 weken van de revalidatie . Wel kan na
enkele dagen begonnen worden met het uitvoeren van lichte bewegingen
zodat de patiënt weer voelt en waarneemt dat hij zijn eigen
ledematen weer kan bewegen. Dit is goed voor het bewegingsgevoel
en de coordinatie van bewegingen. Ook lichte isometrische oefeningen
zijn zinvol om te voorkomen dat spieren teveel atrofieren en de
actieve stabiliteit van de schoudergordel achteruit gaat.
Na
4 weken kan er in de regel begonnen worden met actieve mobilisatie.
De patiënt kan dan met eigen kracht bewegingen gaan maken om
de normale bewegingsuitslagen te oefenen echter nog steeds zonder
het operatiegebied teveel te stressen. Ook zwaardere isometrische
oefeningen kunnen nu gedaan worden waarbij ook de pijn de grenzen
bepaald.
Na
6 weken dan kan er zwaarder worden geoefend met grotere spiergroepen
rond de schouder {de cuff} en de scapulothoracale
spieren. Het oefenprogramma dient gericht te
zijn op de dagelijks benodigde bewegingen en kracht die u thuis
en in uw werksituatie tegenkomt.
Deze
website geeft informatie over verschillende onderwerpen die met
uw gezondheid te maken hebben. Het is niet bedoeld als instructie
wegwijzer van een medische diagnose en behandeling. De informatie
op deze site is verzameld uit vele bronnen en ervaringen van de
schrijver over het thema de schouder. Het is zeker niet compleet
en loopt altijd achter op de feiten. Niet alle aandoeningen van
de schouder worden beschreven. U moet geen conclusies trekken ten
aanzien van uw eigen schouderprobleem op grond van het geschrevene
maar dient te allen tijde uw huisarts specialist of eigen therapeut
om raad en adviezen te vragen. Deze informatie vervangt niet het
individueel consult, onderzoek, visite, of telefonisch consult van/bij
een gekwalificeerd {para}medicus.
Adviezen
gegeven door uw huisarts specialist of fysiotherapeut dient u niet
na het lezen van deze of welke website dan ook in de wind te slaan.
Overleg eventuele twijfels altijd met uw behandelaar.
Rob
Boonstra Manueeltherapeut te Haarlem
Praktijk
Manuele Therapie en Fysiotherapie
R.M. & J.W.Boonstra
Santpoorterstraat 1B 2023 DA Haarlem 023 5260909
"What you resist persists"
"Rust roest"
http://www.diagnostiek.freeler.nl
|